|
Eisen:
- Maak aan de hand van voortekenen
een weerbericht voor de volgende dag.
- Maak een windzak van oude lappen.
- Leer 10 dierensporen te herkennen
en maak een tocht waarin je die dierensporen als 'richtingaangevers'
gebruikt.
- Leg een champignon op wit papier.
Zet er een glas overheen en haal het glas na een dag weg. Vertel wat
je ziet.
- Observeer een dier, maak er foto's
van. Verwerk dit in een verslag.
|