Klik hier om dit inisigne beter te bekijken
Schaatsen

Eisen:

  • Een redelijke schaatstechniek demonstreren en de schaats-bewegingstheorie verklaren.
  • De schaatsen dagelijks en aan het eind van het seizoen onderhouden.
  • Weten welke kleding je bij het schaatsen draagt en hoe je je kleedt tegen bevriezingsverschijnselen.
  • Weten wat te doen bij slecht ijs, scheuren en dergelijke. Wakken en zwakke plekken in het ijs weten te herkennen. Demonstreren hoe je handelt bij ongelukken door de schaats veroorzaakt, door het ijs zakken en bij onderkoeling.
  • Organiseer samen met de leiding van je vendel een schaatsmiddag.

Kies uit de volgende 2 opdrachten:

  • Hardrijden.
    1. Leg volgens de eisen van de KNSB de volgende proeven af:
      • de slalomproef binnen 23 seconden
      • de start- en remproef binnen 21 seconden
      • een langebaanproef van 8 kilometer afleggen
    2. Neem deel aan een toertocht van minimaal 15 km.
  • Kunstrijden.
    1. Beheers de eisen voor het kunstrijden diploma F van de KNSB:
      • voorwaarts buitenwaarts acht (voorgetrokken)
      • voorwaarts binnenwaarts acht (voorgetrokken)
      • lentefiguur achterwaarts
      • voorwaarts binnenwaarts drieën links en rechts
      • pirouette op 1 been; spot.
    2. Studeer een eenvoudige kuur in en laat deze aan je ploeg zien.

Hulp:

 

Ga terug naar het insigneoverzicht