Schoenen

Een vast onderdeel van een zomerkamp (bij landgroepen) is vaak een looptocht. Bij de jongste groepen blijft het meestal bij een speurtocht. De scouts gaan vaak op een 1 of meerdaagse hike. Dan hebben we het al over wat steviger loopwerk. De afstand die gelopen wordt verschilt per groep, maar je kunt het in ieder geval niet meer hebben over een 'simpele speurtocht'. Meestal komen de echt zware tochten bij de rowans en sherpa's (ofwel explorers zoals dat tegenwoordig heet ). Alhoewel er groepen zijn die op kamp andere leuke dingen doen gaan veel groepen op kamp lopen. Bij de explorers ligt de bestemming vaak in het buitenland. Voor deze laatste categorie is deze pagina vooral bedoeld. Bij de de jongere speltakken zijn de tochten doorgaans minder zwaar (geen vooroordeel, wordt niet meteen boos. Ik vergelijk het alleen met de zwaardere tochten bij de explorers). Bij dat soort tochten kun je heel goed op 'gewone' sportschoenen lopen. Meestal loop je in ons platte kikkerlandje en zul je dus geen bergen tegen komen. Ga je echter met de explo's naar het buitenland dan is het zinvol om na te denken over de schoenen waar je mee gaat lopen. We zullen hier proberen de verschillen tussen de verschillende schoenen duidelijk te maken.


De meeste schoenenfabrikanten verdelen hun aanbod in verschillende gebruiksklassen. Die indeling is niet altijd hetzelfde, maar komt in grote lijnen altijd op het volgende neer:

Categorie A
Wandelschoenen
 

Deze schoenen zijn bedoeld om te wandelen zonder bepakking in vlak terrein. Ze zijn dicht, soepel en laagsluitend. Ze hebben vaak wel een slijtvaste profielzool en een goed voetbed. Het enkelgewricht krijgt weinig steun. Meestal is dit type niet waterdicht.

Categorie B
Lichte trekkingschoenen
 

Geschikt als je met een kleine rugzak in heuvelachtig of licht bergachtig terrein gaat lopen. Stevige zolen, voldoende demping. Schacht is (half)hoogsluitend om schuiven en zwikken te voorkomen. Blijf wel op de paden! Deze categorie schoenen zijn niet geschikt voor stijgijzers (niet stijgijzervast)

Categorie C
Bergschoenen
 

Wil je door kunnen lopen als je in de bergen obstakels tegenkomt, dan is dit het soort schoenen dat je zoekt. Ze kunnen ruig terrein aan en geven voldoende steun aan de wandelaar met bepakking. De schoen is redelijk tot goed waterdicht en stijf genoeg voor flexibele stijgijzers. De schoenen houden het dus ook goed buiten de paden.

Categorie D
Stijgervaste berschoenen
 

Deze schoenen hebben een stijve zool zodat er 12-punts stijgijzers onder bevestigd kunnen worden. Ze hebben een stevig bovenwerk met een hoge schacht. Goed waterdicht. Deze schoenen zijn geschikt voor het betere (ijs)klimwerk.

Soms wordt hier nog een categorie E aan toegevoegd. Deze categorie bevat de kunstof klimschoenen en de zwaarste expeditieschoenen. De enkelschacht is (vaak) stijver dan de D schoenen. Er is geen strak onderscheid tussen de categorien veel modellen zitten tussen de verschillende groepen in.

Tegenwoordig zijn er ook speciale damesschoenen. De leest is smaller, de schacht langer en soms hebben ze een verhoogde hak.

Hoe zit het nou met die stijgijzervastheid?

Zoals je in het schema kunt zien vormt de stijgijzervastheid het grote verschil tussen categorie C en D. Dat ligt hierin dat je bij het uitkiezen van stijgijzers er rekening mee moet houden dat de ijzers niet stijver zijn dan de zool. Als dat wel zo is dan zal het ijzer worden overbelast en kan de binding gaan loswrikken. Je begrijpt dat wanneer je met de ijzers in een ijswand staat losse stijgijzers levensgevaarlijk zijn. De schoenen uit de D categorie hebben dermate stugge zolen dat je de meest starre stijgijzers voor het professionele klimwerk kunt gebruiken.

Een stukje geschiedenis van de 'nieuwe generatie'

Aan het eind van de jaren zeventig ontwikkelde de Amerikaanse sportschoenenbranche een nieuw type 'hiking boots'. Door een combinatie van technieken uit de klassieke bergschoen en die uit de moderne sportschoenen maakten ze zogenaamde 'ultralights'. In vergelijking met de klassieke bergschoen was de ultralight lichter, had een veerkrachtige, schokdempende (schuim)rubber tussenzool en meestal veel textiel of dun leer in het bovenwerk. Zool en bovenwerk werden niet aan elkaar gestikt, maar gelijmd. De ultralights sloegen aan en de bergwandelschoenen werden een hit. Tegenwoordig worden de kleinkinderen van de ultralights verkocht onder de namen softwalker, trekkingschoen of hikingboot. We hebben het dan dus over het grootste gedeelte van categorie B. De schacht geeft door het zachte materiaal minder steun dan de berschoenen, maar dat vinden sommige mensen nou juist prettig. Door het dunne materiaal zijn deze schoenen praktisch nooit waterdicht. Desondanks zijn ze uitermate geschikt voor tochten in minder ruig terrein.

Waterdichtheid

Met betrekking tot de waterdichtheid van de schoen moet je je afvragen waar je het meeste waarde aan hecht: de waterdichtheid of het ademend vermogen. Met ademend vermogen wordt de mate waarin de warmte en het transpiratievocht in de schoen door de schoen naar buiten kunnen bedoeld. Er zijn schoenen die beide goed kunnen, maar meestal moet je toch keuzes maken. Als je echt in nat terrein of in de sneeuw gaat lopen kun je beter een waterdichte schoen nemen. Ga je ergens lopen waar je niet veel water verwacht dan kun je overwegen om het ademdvermogen de overhand te geven. Komt er namelijk wat water binnen dan zal dat bij een sneldrogende schoen toch niet zo'n probleem zijn. Je kunt voor de zekerheid dan beter wel blarenpleisters meenemen want mocht je eens onverwachts een hele dag in de regen lopen dan loop je wel met natte voeten. Met het oog op de waterdichtheid kun je een stelregel aanhouden: des te minder naden, des te minder kans op lekkage. Natuurlijk maakt het ook uit van wat voor een materiaal de bovenschoen is gemaakt en hoe die is bevestigd aan de zool. Dun leer en stof zijn bijna nooit volledig waterdicht, het meest waterdicht is dik leer. Let ook eens op de tong van de schoen en vooral de bevestiging aan de rest van de schoen. Als de tong alleen aan de onderkant aan de schoen vast zit en niet aan de zijkanten, kun je natuurlijk niet verwachten dat je schoenen echt waterdicht zijn. Stel maar eens voor dat je schoenen op een regenachtige dag worden weggezogen in een moderplas. Met een open tong lopen je schoenen vol met water en modder. Is de tong tot aan de bovenkant bevestigd aan de bovenschoen, dan zul je hier veel minder snel last van hebben.

Onderhoud van lederen schoenen

Om te zorgen dat het leer van de schoen niet uitdroogt kun je het het beste insmeren met bijenwas. Gebruik geen leervet, want hiervan wordt het leer soepel en kan het gaan uitlubberen. Maak de schoenen schoen met een doekje met water of laat ze gewoon drogen (niet bij de kachel want dat is slecht voor het leer) en borstel het vuil er af. Smeer leren schoenen met Goretex of Sympatex niet te dik in met was omdat je anders de ademende werking van deze materialen verknoeit. Je kunt het best ook de binnenkant van de schoen met een vochtig doekje schoonmaken om gekristalliseerd transpiratievocht te verwijderen. Als je schoen een leren voering heeft dan kun je die ook nog even invetten met een beetje zuurvrije vasaline. Als je je schoenen beter waterdicht wilt maken dan kan dat met allerlei vloeibare siliconen-oplossingen of spray's. Cordura onderdelen maak je schoon met water en een borstel. Je kunt deze delen beter waterafstotend maken met een Teflon-spray. In het geval dat de zool aan de bovenschoen zit vastgelijmd (in plaats van gestikt) moet je de was niet binnen een centimeter van het rubber smeren.

Aankooptips

Neem in de winkel de tijd om te passen. Er moet voldoende ruimte bij de tenen zijn, zodat je bij het afdalen niet met je tenen tegen de neus van de schoen stoot. Te veel ruimte is ook niet goed, want dan ga je schuiven in de schoenen en is de kans op blaren groot. Als je schoenen gaat kopen, doe dat dan 's middags, dan zijn je voeten wat groter dan 's morgens. Aangezien je je schoenen ook in de middag zal dragen kun je dan ook het best gaan passen. Ook door het lopen worden je voeten wat groter. Je kunt daarom het beste dikkere sokken aandoen bij het passen. Als je gaat staan en je tenen de voorkant van de schoen ligt raken dan moet er achterin nog ruimte zijn voor een vinger. De kans is groot dat je dan de juiste schoen hebt gevonden.

 

 

 
 

Heb je iets toe te voegen aan deze tekst, of wil jij zelf een artikel insturen, mail dan naar scoutfiles@scoutquest.com